Zuid-Amerika exporteert meer en meer goederen naar Spaanse havens

Haven van Algeciras
Foto: Paolichy

Het scheepvaartverkeer tussen Spanje en Noord en Zuid-Amerika is vorig jaar, ten opzichte van 2017, gestegen met 5,8 procent.

Volgens cijfers van de Spaanse havens bereikte de totale lading meer dan 106,5 miljoen ton.

Van deze hoeveelheid kwam 45 procent uit Zuid-Amerikaanse landen met als voornaamste exporteur Brazilië gevolgd door Colombia.

Bedrijven waaronder Grupo Romeu, Suardiaz, Portel en BRK International exporteren de goederen naar Bahia de Algeciras, Barcelona, Bilbao, Huelva, Santa Cruz de Tenerife en Valencia.

Spaanse luchthavens gaan hun eigen elektriciteit opwekken

De Spaanse luchthavenuitbater heeft ambitieuze plannen bekend gemaakt om het grootste deel van hun benodigde elektriciteit zelf te gaan produceren.

Aena, de uitbater van 46 luchthavens en 2 helihavens in Spanje, gaat 250 miljoen euro investeren om hernieuwbare energie te gaan produceren.

De raad van bestuur kondigde aan dat met dit bedrag zonnepanelen zullen geïnstalleerd worden in de helft van de luchthavens en daardoor zou de huidige elektriciteitsrekening kunnen dalen van €75 miljoen per jaar naar €23 miljoen.

Een bijkomend voordeel is dat de koolstofuitstoot met 40% kan dalen tegen 2025 en de luchthavens van Madrid en Barcelona koolstof neutraal kunnen zijn tegen 2030.

Het bedrijf, dat voor 51% in handen van de staat is, bezit grote stukken land rond de luchthavens en daar willen zij de zonnepanelen plaatsen.

Het bedrijf moet nu nog beslissen welke luchthavens zij eerst zullen uitrustten met de nieuwe faciliteiten.

In aanvulling van Madrid en Barcelona zijn er plannen om nog 20 andere luchthavens uit te rusten met deze zonnepanelen.

Maar Aena heeft nog andere plannen, zo wil men 2.300 laadpalen voor elektrische wagens op de parkings van de luchthavens plaatsen.

Deze plannen hebben ook de bedoeling om Spanje, volgens de richtlijnen van de Europese Unie, tegen 2050 koolstofneutraal te maken.

Spanje vraagt hulp omdat de olijfindustrie te lijden heeft van de Amerikaanse importheffingen

Foto:
Michelangelo-36

De Spaanse minister voor Handel heeft hulp gevraagd aan de World Trade Organisation (WTO) om zo de Spaanse olijfindustrie te beschermen nadat de Verenigde Staten de importheffing op olijven drastisch verhoogde.

De olijven is bij de producten waarop, in zijn protectionistische politiek, de Amerikaanse president Donald Trump hogere importheffingen oplegde. Deze heffingen moesten de Amerikaanse industrie en tewerkstelling beschermen maar critici zeggen dat door deze maatregelen enkel de wereldhandel wordt verstoord.

De minister zegt dat de heffingen een grote weerslag op de Spaanse olijfindustrie heeft en dan vooral in de provincie Sevilla.

De Asociación de Exportadores de Aceitunas de Mesa (Asemesa) zegt dat de sector, tussen januari en november vorig jaar, al €23,8 miljoen aan de export naar de Verenigde Staten verloren is.

Het Spaans BBP zal dit jaar met 2,2 procent toenemen

Foto:
Pool Moncloa/César P.Sendra

Het Spaans Bruto Binnenlands Product zal volgens een voorspelling van de minister van Economische Zaken dit jaar met 2,2 procent, 0,1 procent minder dan eerdere voorspellingen, toenemen.

Nadia Calviño zei dat de herziening te wijten was aan het feit dat de regering gedwongen was om te streven naar een snellere verlaging van het Spaanse overheidstekort.

De regering probeert nu het tekort terug te brengen tot 1,3 procent van het BBP, nadat eerder de doelstelling op 1,8 procent stond.

De verandering kwam er nadat de conservatieve Partido Popular (PP), die een meerderheid in de Spaanse Senaat heeft, dreigde de begroting te blokkeren als de doelstellingen om het overheidstekort terug te dringen werden versoepeld.

Spanje komt in Europa aan de leiding met de investeringen in groene energie

Foto:
afloresm

Spanje komt mee aan de leiding wat de de groei van groene energie in heel Europa betreft en vorig jaar groeiden de investeringen in Spanje tot €6.800 miljoen.

Met dit cijfer, dat zeven keer het bedrag is dat in 2017 in groene energie in Spanje is geïnvesteerd, komt het land in de top 10 van de wereld.

Volgens Bloomberg NEF heeft Spanje de snelstgroeiende sector voor hernieuwbare energie in heel Europa, met een totale investering die net achter Duitsland op slechts € 13.300 miljoen uitkomt, en Frankrijk op € 9.250 miljoen. De toename komt als goed nieuws voor de sector, nadat de Spaanse energie-investeringen na 2012 stopten.

De Spaanse eerste minister Pedro Sanchez zei dat zijn regering werkt aan een ‘Nationaal energie- en klimaatplan’, waarin wordt uiteengezet hoe de koolstofemissies kunnen worden verminderd.

Momenteel zijn er in grote Spaanse bedrijven 34.000 robots aan het werk

Spanje staat op de elfde plaats van landen waar de economie het meest gebruik maakt van robots.

Gegevens van de Asociación Española de Robótica y Automatización tonen aan dat er momenteel 34.000 robots op volle capaciteit aan het werk zijn in een aantal grote Spaanse bedrijven.

Volgens de vereniging worden robots gebruikt in een aantal verschillende sectoren zoals autoassemblage, spoorwegen en de verkoop maar ook in microscopische ‘nano’ chirurgie en om explosieven te ontmantelen.

Sommige economen en technologie-experten zeggen dat door het toenemend gebruik van robots in de werkomgeving zal leiden tot een toenemend jobverlies.

Spaanse elektriciteitstarieven zijn bij de hoogste van Europa

De elektriciteitsprijzen in Spanje horen bij de hoogste van Europa en de Spaanse ombudsman heeft zijn bedenkingen geuit over de doorlopende prijsverhogingen die vooral een effect hebben op de meest kwetsbare personen.

In zijn jaarrapport zegt hij dat het grootste aantal klachten dat hij in 2018 ontving te maken hadden met economische en sociale zaken. Volgens hem blijft energiearmoede een zorgelijk probleem.

Hij herhaalde verder dat de consumenten moeten beschermd worden en dan vooral de meest kwetsbare onder hen gelet op de continue en recente prijsverhogingen voor de elektriciteit.

De ombudsman stelt dat elektriciteit een basisbehoefte is die essentieel is in de voorziening van andere fundamentele voorzieningen zoals onderwijs, gezondheidszorg en een fatsoenlijke woning.

Verder wil hij dat er een formule gebruikt wordt waarmee de elektriciteitsprijs berekend wordt verduidelijkt wordt zodat hij verstaanbaar is voor het grote publiek.

Komt er een probleem voor de luchtvaartmaatschappij Iberia na een Brexit zonder akkoord?

Foto:
Luis García (Zaqarbal)

De IAG groep heeft een groot probleem: als Groot-Brittannië uit de Europese Unie stapt zonder dat er akkoord is dan verliezen luchtvaartmaatschappijen die niet voor minstens 50 procent eigendom zijn van een Europees bedrijf hun landingsrechten binnen de Europese Unie.

De Spaanse luchtvaartmaatschappij, die een volle dochter is van de IAG groep, loopt dus een risico als er geen akkoord komt. Maar volgens een aantal bronnen wil de moedermaatschappij aan de EU autoriteiten bewijzen dat Iberia in feite voor meer dan 50 procent gecontroleerd wordt door de Spaanse groep, El Corte Inglés, en daardoor zou het een Spaans bedrijf zijn.

De Spaanse overheid heeft bemiddeld om de Europese Commissie ervan te overtuigen dat Iberia Spaans is, hoewel noch de overheid noch de bedrijfsfunctionarissen enige publieke informatie over de inspanning hebben verstrekt.

Ondertussen is IAG van mening dat er geen probleem is . “We zijn ervan overtuigd dat we na de Brexit aan alle toepasselijke normen over eigendom en controle, zowel in het Verenigd Koninkrijk als in de EU, zullen voldoen”, zegde een woordvoerster van het bedrijf.

Een woordvoerder van het Spaanse Ministerie van Openbare Werken zegde: “We zijn ervan overtuigd dat Iberia een Spaans bedrijf is en we zijn er ook van overtuigd dat het bedrijf indien nodig de nodige aanpassingen zal doen om ervoor te zorgen dat het voldoet aan de Europese normen.”

Er was al een eerste poging om te bewijzen dat IAG, dat 100% van Iberia en Vueling controleert en ook eigenaar is van British Airways en Aer Lingus, zelf grotendeels in Europese handen is.

Maar de cijfers kloppen niet: 21,4% van IAG wordt gecontroleerd door Qatar Airways, 5,26% door het Amerikaanse fonds Europacific Growth, en de rest wordt verdeeld onder minderheidsaandeelhouders en aandeelhouders die actief zijn op de beurzen van Madrid en Londen.

De tweede lijn van verdediging houdt in dat Iberia Spaans is omdat het hoofdkantoor in Spanje is gevestigd maar ook omdat de voormalige Spaanse vlaggenschipmaatschappij grotendeels wordt gecontroleerd door een zeer Spaans bedrijf: El Corte Inglés. IAG baseert deze claim op de complexe bedrijfsstructuur die in 2011 werd opgericht om de fusie tussen Iberia en British Airways te vergemakkelijken. Hoewel er sindsdien een paar belangrijke veranderingen zijn geweest, blijven de politieke rechten in Spaanse handen.

Twee Spaanse banken beginnen fusiegesprekken

Twee Spaanse banken, Liberbank en Unicaja, hebben bevestigd dat zij gesprekken voeren over een mogelijke fusie tussen hen beiden.

Een fusie tussen deze twee zou van hen de zesde grootste Spaanse bank maken met een waarde van bijna €96 miljard.

De banken bevestigden in aparte verklaringen aan de Spaanse marktregelaar dat zij contact met elkaar hebben om samen een analyse te maken over de mogelijke fusie.

Unicaja zegt dat er nog geen beslissing is genomen terwijl Liberbank zegt dat er nog geen voorstel is overgemaakt aan het management.

Toen het nieuws van de gesprekken bekend geraakte stegen de aandelen van beide banken met 15 procent.

Mediobanca adviseert Unicaja en Deutsche Bank werkt samen met Liberbank.

Zowel Mediobanca als Deutsche Bank weigeren alle comentaar over de fusieplannen.

Spaanse bank beschuldigd van ‘ernstige onregelmatigheden’ die hebben bijgedragen tot de financiële crisis in Spanje

Foto:
Luis García (Zaqarbal)
Gebouw Nationale Bank in Madrid

Een commissie heeft de Bank van Spanje beschuldigd om een “ernstige onregelmatigheid” te hebben begaan die heeft bijgedragen tot de financiële crisis in Spanje.

Een parlementaire onderzoekscommissie die de Bankia-zaak onderzoekt, waarbij 300.000 beleggers hun geld verloren nadat de bank haar financiële verklaringen zou hebben vervalst, zei dat een beslissing van de Bank van Spanje een rol zou hebben gespeeld in het fiasco.

De commissie beweerde dat er “schandelijke gevolgen” waren nadat de Nationale Bank aan de Caja Madrid, Bancaja en vijf andere spaarbanken de toelating had gegeven dat zij ​​hun financiële verliezen niet hadden openbaar moeten maken.

Volgens de commissie was een van de gevolgen, ondanks dat de betrokken banken verliezen leden, dat de bankiers hun bonussen konden ontvangen en de banken in staat waren om gunstige financiële overzichten te plaatsen voordat Bankia in 2011 op de effectenbeurs werd gebracht.

Meer dan 300.000 beleggers kochten, na een grote reclamecampagne door Bankia in 2011, aandelen voor een minimum van € 1.000. Nadat aandelen in 2012 aanzienlijk in waarde waren gedaald, moest de bank toegeven dat ze het jaar ervoor een verlies van bijna € 3 miljard had geleden.

De centrale overheid van Spanje heeft Bankia later gered en investeerde meer dan € 22 miljard om de falende instelling te redden.